Canon1566Tijdvak 5Ontdekkers en hervormers

Beeldenstorm

Aanhangers van de nieuwe protestantse leer vernielden beelden en schilderijen in katholieke kerken. Filips II stuurde daarop de hertog van Alva om hard op te treden.

De Beeldenstorm in Antwerpen, 1566 (prent van Frans Hogenberg)
De Beeldenstorm in Antwerpen, 1566 (prent van Frans Hogenberg)Foto: Frans Hogenberg · Publiek domein · Wikimedia Commons
Beeldenstormers vernielen een kerkinterieur, 20 augustus 1566
Beeldenstormers vernielen een kerkinterieur, 20 augustus 1566Foto: Frans Hogenberg · CC0 · Wikimedia Commons

Aanloop en oorzaken

In de 16e eeuw verspreidden de ideeën van Luther en vooral Calvijn zich over de Nederlanden. Filips II liet ketters streng vervolgen. Toch groeide het aantal protestanten, vooral in de steden van Vlaanderen en Brabant.

In april 1566 boden edelen landvoogdes Margaretha van Parma een smeekschrift aan om de vervolgingen te matigen. Zij werden spottend geuzen genoemd. In de zomer trokken duizenden mensen naar hagenpreken, kerkdiensten in de open lucht.

Daar kwam honger bij. De winter van 1564–1565 was extreem koud, en daarna mislukte de graanoogst. De prijs van brood steeg sterk, en in de textielstreek rond Ieper en Doornik waren veel arbeiders al arm. Juist daar begon de Beeldenstorm.

Wat er gebeurde

Op 10 augustus 1566 vernielden protestanten na een hagenpreek bij Steenvoorde in Vlaanderen de beelden in een kapel. Binnen enkele weken verspreidde de beweging zich naar Antwerpen en daarna naar het noorden, tot in Holland, Utrecht en Friesland.

Groepen trokken kerken en kloosters binnen en sloegen beelden, altaren en schilderijen kapot. Voor calvinisten waren die afgoderij. Veel kunst uit de middeleeuwen ging daarbij verloren.

Filips II zag de Beeldenstorm als opstand. In 1567 stuurde hij de hertog van Alva met een leger. Diens Raad van Beroerten veroordeelde duizenden mensen. In 1568 werden de graven van Egmont en Horne in Brussel onthoofd. Het geweld dreef de spanningen verder op.

Gevolgen

Margaretha van Parma schrok zo van het geweld dat ze in een akkoord van 23 augustus 1566 toestond dat protestanten op bepaalde plaatsen buiten de kerken mochten preken. Daardoor kreeg 1566 de naam “het Wonderjaar”. Maar dat duurde kort: zodra ze weer troepen had, trok ze de toezeggingen in.

Alva kwam in 1567 om orde op zaken te stellen. Margaretha trad af, uit protest tegen zijn harde aanpak. Zijn Raad van Beroerten, door het volk de Bloedraad genoemd, sprak duizenden vonnissen uit; ongeveer duizend mensen werden terechtgesteld. Duizenden protestanten vluchtten naar Engeland en Duitsland, onder meer naar Londen en Emden.

Andere perspectieven

Voor calvinisten was het weghalen van beelden geen vandalisme, maar het zuiveren van de kerk. Volgens hen mocht je God niet afbeelden en geen beelden vereren. Vaak gingen predikanten voor, en de stadsbesturen grepen bijna nergens in.

Voor katholieken was het heiligschennis: eeuwenoude altaren, beelden van heiligen en kostbare boeken werden vernield. Ook veel gematigde protestanten en edelen schrokken van het geweld. Sommigen keerden zich daardoor juist van de beweging af.

Veelvoorkomende misverstanden

“De Beeldenstorm was een woedende volksmassa die alles kapotsloeg.”

Op veel plaatsen ging het vrij georganiseerd. Kleine groepen, soms betaald, trokken van kerk naar kerk, vaak na een preek. Toeschouwers keken toe. In sommige steden haalden de autoriteiten zelf de beelden weg om erger te voorkomen.

“De Beeldenstorm gebeurde in één keer, in 1566.”

Er waren al eerder beelden vernield, in 1525 in Antwerpen en Delft. En ook later in de oorlog werden kerken opnieuw leeggehaald, zoals de Dom in Utrecht in 1580. In Brabant en Limburg wisselde de inrichting van kerken soms mee met wie de stad in handen had.

Hoe weten we dit?

Er zijn verhoren en vonnissen van de Raad van Beroerten bewaard, met namen van daders en getuigen. Kroniekschrijvers beschreven per stad wat er gebeurde. En in kerken zijn de sporen nog te zien: bij restauraties worden onder vloeren brokstukken van beelden en altaren gevonden.

Wat merk je er nu nog van?

In de Dom van Utrecht hangt een altaarstuk waarvan de figuren in de Beeldenstorm hun gezicht verloren; ze zijn nooit hersteld. In de Grote Kerk van Schiedam staat sinds 2010 een kunstwerk van bijna duizend brokstukken van middeleeuwse altaren, gevonden onder de kerkvloer. Veel protestantse kerken in Nederland zijn nog altijd opvallend kaal en wit van binnen.

Bekijken

De video's openen op de site van de bron. In de interactieve tijdlijn kun je ze ook hier afspelen.

Meer gratis tools voor in de klas

Meestertools heeft tientallen gratis tools voor leerkrachten in het basisonderwijs: van digibordtools en energizers tot groepsvorming en lesmateriaal.