Aanloop en oorzaken
Aan het eind van de 7e eeuw beheersten de Friezen een groot deel van de kust en de rivierhandel. In het zuiden breidden de Franken onder de hofmeiers uit het huis van Pippijn hun macht uit. Een botsing was onvermijdelijk.
Radboud werd rond 680 koning van de Friezen. Hij was een tegenstander van het christendom, dat hij zag als het geloof van de Franken. Missionarissen konden alleen werken waar de Frankische macht hen beschermde.
Wat er gebeurde
Rond 690 versloeg Pippijn II Radboud bij Dorestad. Utrecht en het rivierengebied kwamen in Frankische handen. Er volgde een periode van vrede, en in 711 trouwde Radbouds dochter Theudesinde met Pippijns zoon Grimoald.
Na de dood van Pippijn in 714 sloeg Radboud terug. Hij heroverde gebied, verdreef de missionarissen en trok met zijn vloot de Rijn op. In 716 versloeg hij Karel Martel bij Keulen. In 719 stierf Radboud, waarna de Franken het zuidelijke Friese gebied weer innamen.
Volgens een latere heiligenlevensbeschrijving stond Radboud al met één voet in het doopwater. Hij vroeg waar zijn voorouders waren. Toen het antwoord luidde dat zij in de hel waren, trok hij zijn voet terug. Of dit echt gebeurde, is onzeker.
Gevolgen
Na de dood van Radboud in 719 nam de Frankische macht snel toe. Karel Martel heroverde het rivierengebied, en in 734 versloeg hij de Friezen in de slag aan de Boorne. Daarmee was ook het gebied tussen het Vlie en de Lauwers in Frankische handen.
Met de Franken kwamen de missionarissen terug. Willibrord kon zijn werk in Utrecht hervatten. Het rivierengebied en de kust werden stap voor stap christelijk.
Andere perspectieven
Radboud verdedigde niet alleen zijn geloof, maar ook zijn macht. Voor hem was het christendom het geloof van de Franken, en wie zich liet dopen, koos ook voor de Frankische heerser. Dat maakte de missionarissen in zijn ogen gevaarlijk.
Wat we over Radboud weten, komt bijna helemaal uit christelijke bronnen, zoals de levensbeschrijvingen van Willibrord en Wulfram. Zij beschreven hem als een wrede heiden. Hoe de Friezen zelf hun koning zagen, weten we niet.
Veelvoorkomende misverstanden
“De Radboud Universiteit is naar koning Radboud genoemd.”
De universiteit in Nijmegen is genoemd naar een andere Radboud: de heilige bisschop Radboud van Utrecht, een geleerde en dichter die rond het jaar 900 leefde.
“Radboud heerste over heel Friesland.”
Zijn macht lag vooral in het rivierengebied rond Utrecht en Dorestad en in het westen. Pas latere verhalen maakten hem tot heerser over de hele kust van Vlaanderen tot Denemarken.
Hoe weten we dit?
De belangrijkste bronnen zijn Frankische kronieken en de levens van heiligen, zoals de Vita Willibrordi uit het eind van de 8e eeuw. Die zijn geschreven om de missionarissen te prijzen. Het bekende verhaal over Radbouds voet in het doopwater komt uit een levensbeschrijving van de heilige Wulfram, die pas jaren later werd opgeschreven.
Wat merk je er nu nog van?
Het kasteel van Floris V in Medemblik heet Kasteel Radboud. Die naam kreeg het pas later, naar een oude legende dat koning Radboud daar een burcht had. In Friesland en Noord-Holland is Radboud nog altijd een bekende naam, die soms als symbool voor Friese zelfstandigheid wordt gebruikt.

