Aanloop en oorzaken
Na het vertrek van de Romeinen in de 5e eeuw raakte het kustgebied deels ontvolkt. Daarna vestigden zich opnieuw mensen in het waddengebied en langs de rivieren. Zij woonden op terpen: kunstmatige heuvels die hen droog hielden bij hoog water.
De bewoners leefden van veeteelt, visserij en vooral handel. Via de Noordzee en de grote rivieren hadden ze contact met Engeland, Scandinavië en het Rijnland. Schrijvers uit die tijd noemden het hele kustgebied Frisia.
Wat er gebeurde
Rond de 7e eeuw strekte het Friese invloedsgebied zich uit van de Zeeuwse delta tot in Noord-Duitsland. Friese handelaren vervoerden laken, wijn, aardewerk en slaven. Ze sloegen ook eigen zilveren muntjes, die archeologen sceatta’s noemen.
Ten zuiden van de Friezen lag het rijk van de Franken. De twee volken streden lang om de controle over de rivierhandel en om plaatsen als Utrecht en Dorestad. De Friezen hielden vast aan hun eigen goden, wat de strijd met de christelijke Franken nog scherper maakte.
In de 8e eeuw werden de Friezen stap voor stap onderworpen en bekeerd. Hun naam leeft voort in de provincie Friesland en in de Friese taal.
Gevolgen
De Friezen waren een schakel in de handel rond de Noordzee. Hun schepen verbonden Engeland, Scandinavië en het Rijnland. Friese kooplieden woonden in steden als Londen, York, Keulen en Mainz. Zo kwamen er goederen en ideeën uit heel Noordwest-Europa in het kustgebied.
Na de Frankische verovering werden de Friezen ingelijfd in het rijk van de Franken. Een beslissende nederlaag leden ze in 734 in de slag aan de Boorne, waar hun aanvoerder Poppo sneuvelde. Rond 800 liet Karel de Grote hun wetten opschrijven, de Lex Frisionum.
Andere perspectieven
Bijna alles wat we over de Friezen uit deze tijd lezen, is geschreven door Franken of door christelijke monniken. Zij zagen de Friezen als heidenen en tegenstanders. Hoe de Friezen zelf over hun leven, hun goden en hun koningen dachten, weten we vooral uit archeologische vondsten.
Veelvoorkomende misverstanden
“Er was een groot Fries koninkrijk van Vlaanderen tot Denemarken.”
Dat beeld komt uit middeleeuwse ridderverhalen. Historici denken dat de Friese koningen vooral macht hadden in het rivierengebied rond Utrecht en Dorestad en langs de kust. De term “Magna Frisia”, Groot-Friesland, is pas veel later bedacht.
“De Friezen van nu stammen rechtstreeks af van de Friezen uit de Romeinse tijd.”
Het kustgebied raakte in de 5e eeuw grotendeels ontvolkt. De nieuwe bewoners kwamen voor een deel van elders, onder meer uit het gebied van de Angelen en Saksen. Zij namen later de naam Friezen over.
Hoe weten we dit?
Archeologen hebben veel terpen onderzocht. Een prachtige vondst is de fibula van Wijnaldum, een gouden mantelspeld uit het begin van de 7e eeuw, gevonden in 1953 bij een terp in Friesland. In 2009 werd nog een ontbrekend stukje gevonden, met daarop waarschijnlijk de god Wodan tussen twee dieren. Zo’n kostbaar sieraad wijst op een rijke, machtige familie.
Wat merk je er nu nog van?
In Friesland en Groningen zijn nog honderden terpen en wierden te zien, zoals de hoge terp van Hogebeintum. In de 19e eeuw werden veel terpen afgegraven, omdat de vruchtbare grond werd verkocht als meststof. Daarbij werden veel vondsten gedaan. Het Fries is nu een officiële taal in Nederland, naast het Nederlands.

