Overigca. 600 v.C.Tijdvak 2Grieken en Romeinen

Terpen in het noorden

In Friesland en Groningen woonden mensen op een kwelder die regelmatig onderliep. Ze wierpen heuvels op, terpen of wierden, om droog te blijven. Dorpen als Hogebeintum liggen nog steeds op zo’n terp.

De terp van Hogebeintum, de hoogste van Friesland
De terp van Hogebeintum, de hoogste van FrieslandFoto: Baykedevries · CC BY-SA 3.0 NL · Wikimedia Commons
Opgraving van de wierde van Ezinge, 1932
Opgraving van de wierde van Ezinge, 1932Foto: Onbekend / RCE · CC BY-SA 4.0 · Wikimedia Commons

Aanloop en oorzaken

Langs de kust van Friesland en Groningen lag een kwelder: een vruchtbaar maar laag gebied dat bij hoog water overstroomde. Er groeide zout gras waar vee goed op kon grazen.

Rond 600 voor Christus trokken mensen dit gebied in. Eerst woonden ze op natuurlijke hoogten, maar door stijgend water moesten ze hun woonplekken kunstmatig ophogen. Dijken waren er in deze tijd nog niet.

Wat er gebeurde

Met klei, mest en afval wierpen ze heuvels op, in Friesland terpen en in Groningen wierden genoemd. Generatie na generatie werden ze hoger en breder, tot er soms hele dorpen op stonden. Er waren er in totaal ongeveer duizend. Het vee stond in de winter in grote boerderijen, deels onder hetzelfde dak als de mensen.

De Romeinse schrijver Plinius de Oudere beschreef in de 1e eeuw de bewoners van zulke heuvels, de Chauken, als arme mensen tussen zee en land. Archeologisch onderzoek laat juist zien dat ze veeteelt en handel hadden en goed konden leven.

In de 19e en vroege 20e eeuw werden veel terpen afgegraven, omdat de grond goede mest was. Daarbij kwamen veel vondsten boven. Hogebeintum is een van de hoogste overgebleven terpen; Ezinge werd beroemd door de opgraving van Van Giffen.

Gevolgen

Op de terpen ontstonden echte dorpen, met boerderijen in een kring rond een open middenplein. Sommige terpen werden zo hoog en breed dat er eeuwenlang mensen bleven wonen. Veel dorpen in Friesland en Groningen liggen nog op een terp, met de kerk op het hoogste punt.

Rond het jaar 1000 begonnen mensen dijken te bouwen. Daardoor hoefden ze hun terpen niet meer op te hogen. Het gebied achter de dijken kon worden bewoond en bewerkt zonder dat het bij elke vloed overstroomde.

Andere perspectieven

De Romeinse schrijver Plinius zag het terpenland in de 1e eeuw door Romeinse ogen. Voor hem was het een armoedig leven zonder akkers en zonder bomen, waar de mensen bij vloed leken op zeelieden en bij eb op schipbreukelingen. Archeologen laten een ander beeld zien: de bewoners hadden vee, verbouwden gewassen op de hogere delen en dreven handel.

Veelvoorkomende misverstanden

“Een terp werd in één keer opgeworpen.”

De meeste terpen groeiden langzaam, generatie na generatie. Bewoners legden steeds een nieuwe laag aan, met klei, mest en afval, als het water hoger kwam. Sommige terpen werden zo in eeuwen tot meters hoog.

“Terpen bestaan alleen in Friesland.”

Terpen en wierden liggen in het hele Noord-Nederlandse kustgebied, van Noord-Holland tot Groningen, en verder langs de Duitse en Deense kust. In Groningen heten ze wierden, in Noord-Holland soms werven.

Hoe weten we dit?

Bij het afgraven van terpen in de 19e en vroege 20e eeuw kwamen veel vondsten boven. Archeoloog Albert Egges van Giffen groef tussen 1923 en 1934 de wierde van Ezinge op. Hij vond de resten van boerderijen uit verschillende eeuwen, boven op elkaar. Zo kon hij laten zien hoe de wierde in de loop der tijd groeide.

Wat merk je er nu nog van?

Hogebeintum in Friesland is met bijna negen meter boven NAP de hoogste terp van Nederland. Er staan nog honderden terpen en wierden in het landschap. Veel plaatsnamen herinneren eraan, zoals de Friese namen op -um en de Groningse op -werd of -wier.

Bekijken

De video's openen op de site van de bron. In de interactieve tijdlijn kun je ze ook hier afspelen.

Meer gratis tools voor in de klas

Meestertools heeft tientallen gratis tools voor leerkrachten in het basisonderwijs: van digibordtools en energizers tot groepsvorming en lesmateriaal.