Aanloop en oorzaken
Anna Maria Geertruida Schmidt werd in 1911 geboren in Kapelle in Zeeland, als dochter van een dominee. Ze werkte eerst als bibliothecaresse. Na de oorlog ging ze naar Amsterdam en kreeg ze werk bij de krant Het Parool.
Nederland was na 1945 een land van wederopbouw, met strenge gezinsregels en veel aandacht voor fatsoen. Kinderboeken waren vaak belerend.
Wat er gebeurde
Van 1952 tot 1957 schreef Annie M.G. Schmidt wekelijks een verhaaltje over Jip en Janneke in Het Parool, getekend door Fiep Westendorp. Haar versjes waren eigenwijs, grappig en soms ondeugend. Kinderen werden niet terechtgewezen, maar gingen op avontuur.
Ze schreef boeken als Abeltje, Pluk van de Petteflet, Otje en Wiplala, en de liedjes en scripts voor tv-series en musicals zoals Ja zuster, nee zuster. Veel van haar zinnen zijn gewone uitdrukkingen geworden.
In 1988 kreeg ze de Hans Christian Andersenprijs, de belangrijkste internationale prijs voor kinderliteratuur. Ze overleed in 1995 in Amsterdam.
Gevolgen
Annie M.G. Schmidt veranderde de Nederlandse kinderliteratuur. Na haar werd het gewoon dat kinderboeken grappig, eigenwijs en een beetje ondeugend mochten zijn, en kinderen serieus namen zonder te preken.
Ook voor volwassenen schreef ze veel: cabaretteksten voor Wim Sonneveld en Wim Kan, musicals en televisieseries zoals Ja zuster, nee zuster, en toneelstukken als Er valt een traan op de tompoes. Veel van haar liedjes en uitdrukkingen kent bijna iedereen.
Andere perspectieven
Niet iedereen vond haar werk geschikt voor kinderen. Sommige opvoeders vonden dat haar personages te brutaal waren en gezag niet respecteerden. Annie zelf vond dat kinderen recht hadden op plezier en dat volwassenen niet altijd gelijk hadden. Daarmee paste ze bij de veranderingen van de jaren zestig.
Veelvoorkomende misverstanden
“Jip en Janneke is meteen als boek verschenen.”
De verhaaltjes verschenen eerst van 1952 tot 1957 als wekelijks stukje in de krant Het Parool. Pas daarna werden ze in boekjes gebundeld.
“Annie M.G. Schmidt schreef alleen voor kinderen.”
Ze schreef minstens zoveel voor volwassenen: cabaret, liedjes, hoorspelen, musicals en toneelstukken.
Hoe weten we dit?
Haar boeken, liedteksten en scripts zijn allemaal bewaard en verschenen in vele drukken. Brieven, interviews en de biografie door Annejet van der Zijl geven inzicht in haar leven. Opnames van haar televisieseries zijn bewaard bij Beeld & Geluid.
Wat merk je er nu nog van?
Pluk van de Petteflet, Abeltje, Otje en Jip en Janneke worden nog steeds gelezen en verfilmd. Elk jaar wordt de Annie M.G. Schmidtprijs uitgereikt voor het beste Nederlandstalige theaterlied. Uitdrukkingen als “Jip-en-Janneketaal” voor heel eenvoudige taal komen van haar werk.


