Aanloop en oorzaken
In Engeland reden vanaf de jaren 1820 de eerste stoomtreinen voor personen en goederen. In Nederland ging vervoer nog vooral over water, met trekschuiten en zeilschepen. Veel mensen twijfelden of een spoorweg in zo’n waterrijk land wel zin had.
Er waren plannen voor een spoorlijn van Amsterdam naar het Duitse achterland, maar die kwamen eerst niet van de grond. Een particuliere maatschappij, de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij, begon met een korter traject.
Wat er gebeurde
Op 20 september 1839 reed de eerste trein van Amsterdam naar Haarlem. Voorop reed de locomotief De Arend, gebouwd in Engeland. Een tweede locomotief heette De Snelheid. Het traject was ongeveer 16 kilometer lang. Ingenieur Frederik Willem Conrad had de aanleg geleid.
De lijn werd daarna doorgetrokken naar Leiden, Den Haag en Rotterdam. In 1843 kwam ook de lijn Amsterdam–Utrecht in gebruik. De eerste lijnen hadden een breder spoor dan later gebruikelijk werd en moesten worden omgebouwd.
De spoorwegen maakten reizen sneller, goedkoper en betrouwbaarder. Ze brachten steden dichter bij elkaar en waren belangrijk voor de groei van industrie en handel in de tweede helft van de 19e eeuw.
Gevolgen
Na Amsterdam–Haarlem groeide het spoornet snel, vooral na 1860, toen de staat zelf spoorlijnen ging aanleggen. Het breedspoor van de eerste lijnen, 1945 millimeter, werd tot 1866 omgebouwd naar het normale spoor, zodat treinen ook naar Duitsland en België konden rijden.
De trein maakte het mogelijk om in één dag naar een andere stad te reizen. Goederen als steenkool, landbouwproducten en fabrieksgoederen konden goedkoop worden vervoerd. Steden groeiden rond hun station, en er ontstonden nieuwe woonwijken voor forensen.
Andere perspectieven
Voorstanders zagen de trein als vooruitgang. Tegenstanders, zoals de schippers van de trekschuiten, zagen hun werk verdwijnen. Sommige artsen waarschuwden dat de hoge snelheid ongezond zou zijn. En op het platteland waren boeren bang dat de trein hun vee zou laten schrikken of hun land zou doorsnijden.
Veelvoorkomende misverstanden
“Nederland had de eerste trein van Europa.”
Groot-Brittannië en België waren eerder. In België reed de eerste trein al in 1835, tussen Brussel en Mechelen.
“De locomotief De Arend staat nog in het museum.”
Van het originele materieel is niets bewaard gebleven. In het Spoorwegmuseum in Utrecht staat een replica die in 1938 werd gebouwd voor het honderdjarig bestaan van de spoorwegen.
Hoe weten we dit?
De archieven van de Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij, met bouwtekeningen en dienstregelingen, zijn bewaard. Kranten berichtten over de feestelijke eerste rit. Prenten en schilderijen laten zien hoe de trein en het station eruitzagen.
Wat merk je er nu nog van?
Nederland heeft een van de drukste spoornetten van Europa. Het traject Amsterdam–Haarlem wordt nog steeds gebruikt. In het Spoorwegmuseum in Utrecht kun je de replica van De Arend zien en meer leren over de geschiedenis van de trein.

