Aanloop en oorzaken
Rond 1780 ging het slecht met de Republiek. De Vierde Engelse Oorlog (1780–1784) liep uit op een vernedering, want de Engelsen kaapten veel Nederlandse schepen. Veel burgers gaven stadhouder Willem V en zijn aanhangers, de orangisten, de schuld.
In 1781 verscheen anoniem het pamflet Aan het Volk van Nederland van Joan Derk van der Capellen tot den Pol. Hij riep burgers op zich te bewapenen en zelf mee te beslissen. De Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd was voor velen een voorbeeld.
Wat er gebeurde
In veel steden richtten patriotten vrijkorpsen op, burgermilities die gingen exerceren. Ze namen in verschillende steden het bestuur over. De Republiek raakte verdeeld tussen patriotten en orangisten, soms met gewapende botsingen.
In juni 1787 werd prinses Wilhelmina, de vrouw van Willem V, bij Goejanverwellesluis door een vrijkorps tegengehouden. Haar broer, de koning van Pruisen, gebruikte dit als aanleiding. In september 1787 viel een Pruisisch leger het land binnen en herstelde de macht van de stadhouder.
Duizenden patriotten vluchtten naar Frankrijk. Hun ideeën over burgerrechten en volkssoevereiniteit verdwenen niet. In 1795 keerden ze met Franse troepen terug.
Gevolgen
Na de Pruisische inval van 1787 volgde een periode van wraak op de patriotten, met plunderingen van hun huizen. Duizenden patriotten vluchtten naar Frankrijk, waar ze vanaf 1789 de Franse Revolutie van dichtbij meemaakten.
In 1795 keerden ze terug met de Franse legers en stichtten ze de Bataafse Republiek. Veel van hun ideeën, zoals volkssoevereiniteit, gelijke burgerrechten en een gekozen volksvertegenwoordiging, kwamen later terug in de Nederlandse Grondwet.
Andere perspectieven
Patriotten zagen zichzelf als de ware vaderlanders, die de oude vrijheden wilden herstellen tegen een te machtige stadhouder. Orangisten, vooral uit de lagere klassen en de kerk, vonden juist dat de stadhouder het land bij elkaar hield. Het ging ook om geld en macht: rijke regenten in sommige steden steunden de patriotten vooral om hun eigen invloed te vergroten.
Veelvoorkomende misverstanden
“De patriotten wilden democratie voor iedereen.”
Veel patriotten wilden vooral inspraak voor de gegoede burgerij. Algemeen kiesrecht voor alle mannen, of voor vrouwen, stond voor de meesten nog niet op de agenda.
“Patriot betekende toen hetzelfde als nu.”
Nu is een patriot iemand die van zijn land houdt. In de jaren 1780 was het de naam van een politieke partij die tegen de macht van de stadhouder streed. Hun tegenstanders, de orangisten, noemden hen spottend “Keezen”.
Hoe weten we dit?
Er zijn honderden pamfletten, spotprenten en kranten uit die tijd, waarin patriotten en orangisten elkaar fel aanvielen. De archieven van de vrijkorpsen en de steden laten zien wie er meedeed. Ook brieven van prinses Wilhelmina en andere hoofdrolspelers zijn bewaard.
Wat merk je er nu nog van?
Bij Goejanverwellesluis staat een monument dat herinnert aan het tegenhouden van prinses Wilhelmina. Het woord patriot wordt nog steeds gebruikt, maar met een andere betekenis. De discussie over hoeveel macht een staatshoofd mag hebben, bestaat nog steeds.

