Aanloop en oorzaken
De eerste boeren hadden veel bijlen nodig om bos te kappen voor akkers en hout. Vuursteen was daarvoor het beste materiaal. Aan de oppervlakte lag vaak verweerde steen, die snel brak.
Op het plateau tussen Rijckholt en Sint Geertruid zit vuursteen in lagen in de kalk. Rond 4000 voor Christus begonnen boeren, waarschijnlijk uit de Michelsbergcultuur, die lagen via schachten op te graven.
Wat er gebeurde
De mijnwerkers groeven verticale schachten tot vele meters diep en hakten van daaruit gangen in de kalk. Als gereedschap gebruikten ze vuistgrote knollen vuursteen en mogelijk geweien. Ter plekke sloegen ze de steen ruw tot bijlen, die elders werden geslepen.
Tussen 1964 en 1972 groef een werkgroep van vrijwilligers een tunnel door het mijngebied. Ze vonden tientallen schachten en duizenden gebroken werktuigen. Het totaal aantal schachten wordt op enkele duizenden geschat.
De mijnen laten zien dat er al grootschalige, georganiseerde winning van grondstoffen was. Bijlen van Rijckholt-vuursteen zijn ver buiten Limburg teruggevonden. Een deel van de gangen is nog te bezoeken. Het mijngebied is een beschermd archeologisch monument en behoort tot de belangrijkste prehistorische vindplaatsen van Limburg.
Gevolgen
Er werd op grote schaal geproduceerd. Volgens een schatting werden er zo’n 25.000 bijlen en messen per jaar gemaakt, en in de hele periode dat de mijnen in gebruik waren, ongeveer 12,5 miljoen vuurstenen producten. Bijlen van deze vuursteen werden ver weg verhandeld.
Wie zulke bijlen had, kon makkelijker bos kappen voor akkers en hout. De mijnen hoorden dus bij een grotere verandering: de boeren gingen het landschap steeds verder ontginnen.
Andere perspectieven
Mijnbouw was zwaar en gevaarlijk werk. De gangen waren laag en smal, en er was weinig licht. De mijnen liggen daarom dicht bij elkaar: de mijnwerkers waren afhankelijk van het daglicht dat door de schachten naar beneden viel. Wie het werk deed en hoe het georganiseerd was, weten we niet.
Veelvoorkomende misverstanden
“Prehistorische mensen raapten hun vuursteen gewoon op.”
Vuursteen aan het oppervlak was vaak verweerd en brak snel. Voor goede bijlen groeven de mijnwerkers schachten van 5 tot 12 meter diep, tot in de lagen met verse vuursteen.
“De mijnen zijn pas in de 20e eeuw ontdekt.”
Al in 1910 werden de eerste mijnschachten herkend, en tussen 1928 en 1932 werden veel schachten vrijgemaakt met hulp van Franse paters. Het grote onderzoek met de tunnel volgde in de jaren zestig.
Hoe weten we dit?
Bij het onderzoek kwamen meer dan honderd werktuigen van hertshoorn en ongeveer 1200 vuurstenen bijlen tevoorschijn. In het onderzochte deel van 3000 vierkante meter werden zeker 75 schachten gevonden. Door te dateren kunnen archeologen vaststellen wanneer er gemijnd werd.
Wat merk je er nu nog van?
De mijnen worden beheerd door de Van Schaïkstichting en zijn bij rondleidingen te bezoeken. In de tunnel zie je de doorsneden van schachten en gangen. Vergelijkbare mijnen zijn er in het Belgische Spiennes, die op de werelderfgoedlijst van UNESCO staan.

