Aanloop en oorzaken
In de 17e eeuw was Amsterdam het centrum van de wereldhandel. Schippers, kooplieden en bestuurders hadden behoefte aan goede kaarten. Uitgevers als Willem Jansz. Blaeu en Joan Blaeu verzamelden kennis van zeelieden van over de hele wereld.
Willem Blaeu werd in 1633 kaartenmaker van de VOC. Na zijn dood in 1638 nam zijn zoon Joan het bedrijf en die functie over. Zo had de familie toegang tot de nieuwste geografische informatie.
Wat er gebeurde
In 1662 bracht Joan Blaeu de Atlas Maior uit, de grote atlas. De Latijnse uitgave telde elf delen met bijna zeshonderd kaarten. Er verschenen ook uitgaven in het Frans, Nederlands, Spaans en Duits.
De atlas was een van de grootste en duurste boeken van de 17e eeuw. Rijke kopers lieten de kaarten met de hand inkleuren en de banden met goud versieren. Een exemplaar werd vaak als staatsgeschenk gegeven.
In 1672 verwoestte een brand een groot deel van de drukkerij van Blaeu. Joan Blaeu overleed een jaar later. De Atlas Maior laat zien hoe sterk Amsterdam toen de kaartenwereld beheerste.
Gevolgen
Amsterdam werd door uitgevers als Blaeu het centrum van de kaartenwereld. Kaarten en atlassen uit Amsterdam werden in heel Europa gebruikt door zeelieden, kooplieden en vorsten.
Na de brand van 1672 en de dood van Joan Blaeu raakte de Amsterdamse kaartproductie op haar retour. In de 18e eeuw namen Parijs en Londen de leiding over.
Andere perspectieven
De kaarten lieten de wereld zien door Europese ogen. Gebieden waar Europeanen nog niet waren geweest, werden leeg gelaten of opgevuld met fantasie. Kaarten waren ook macht: de VOC hield haar beste kaarten geheim, en Blaeu moest als VOC-kaartenmaker zwijgen over wat hij wist.
Veelvoorkomende misverstanden
“Oude kaarten waren onnauwkeurig.”
Voor de kusten die zeelieden kenden, waren de kaarten van Blaeu verrassend nauwkeurig. Alleen het binnenland van verre continenten was vaak onbekend.
“De Atlas Maior was een boek voor gewone mensen.”
De atlas was zo duur dat alleen rijke kooplieden, vorsten en instellingen hem konden kopen. Een ingekleurd exemplaar kostte een klein fortuin.
Hoe weten we dit?
Er zijn nog tientallen exemplaren van de Atlas Maior bewaard in bibliotheken en musea. De Atlas Blaeu–Van der Hem in Wenen, een uitgebreide versie, staat op de UNESCO-lijst Memory of the World. Ook de archieven van de VOC laten zien hoe Blaeu aan zijn informatie kwam.
Wat merk je er nu nog van?
Er zijn moderne facsimile-uitgaven van de Atlas Maior te koop. Kaarten van Blaeu hangen in musea en worden geveild voor hoge bedragen. In de Burgerzaal van het Paleis op de Dam ligt een grote wereldkaart in de vloer, in dezelfde trant als de kaarten van die tijd.

