Overig1712Tijdvak 7Pruiken en revoluties

De stoommachine

Rond 1712 bouwde Thomas Newcomen een machine die met stoom water uit mijnen pompte. James Watt maakte haar zuiniger en krachtiger. Daarmee begon de industriële revolutie. In Nederland pompte stoom later de Haarlemmermeer droog.

Een nagebouwde stoommachine van Newcomen bij Dudley in Engeland
Een nagebouwde stoommachine van Newcomen bij Dudley in EngelandFoto: David Lewis · CC BY-SA 2.0 · Wikimedia Commons
De grote stoommachine van gemaal De Cruquius (1849)
De grote stoommachine van gemaal De Cruquius (1849)Foto: Arend from Oosterhout · CC BY 2.0 · Wikimedia Commons

Aanloop en oorzaken

Rond 1700 liep er in mijnen steeds meer water vol. Wegpompen ging met spierkracht, paarden en watermolens, en dat was zwaar werk en niet genoeg. Daarom zochten uitvinders naar een machine die dat werk kon doen.

Stoom bleek krachtig: kokend water zet enorm uit, en als stoom afkoelt, trekt hij weer samen. Thomas Savery en Denis Papin probeerden dat te gebruiken. Thomas Newcomen, een Engelse mijnbouwkundig ingenieur, maakte er omstreeks 1712 een bruikbare machine van.

Wat er gebeurde

De machine van Newcomen werkte met luchtdruk: stoom in een cilinder werd afgekoeld, waardoor de buitenlucht de zuiger omlaag duwde. Ze verbruikte veel steenkool, maar pompte mijnen leeg. In 1763 kreeg de Schot James Watt de opdracht zo’n machine te verbeteren. Zijn ontwerp verbruikte veel minder brandstof. In 1769 kreeg hij er octrooi op.

Voortaan kon kracht overal worden gemaakt, niet alleen langs rivieren of waar de wind waaide. Stoom dreef fabrieken, schepen en locomotieven aan. Dat was het begin van de industriële revolutie.

In Nederland kwam de eerste stoommachine op 9 maart 1776 in gebruik, in Rotterdam. Koning Willem I koos in 1837 voor stoom in plaats van windmolens om de Haarlemmermeer droog te maken. Het gemaal De Cruquius uit 1849 pompte daarvoor mee. Samen met twee andere gemalen sloeg het in drie jaar en drie maanden 800 miljoen kubieke meter water uit. Het geldt als de grootste stoommachine ter wereld.

Gevolgen

Met de stoommachine van Watt begon in Engeland de industriële revolutie. Fabrieken hoefden niet meer bij een rivier te staan en konden in de steden komen. Textiel, ijzer en later allerlei producten werden in grote aantallen machinaal gemaakt.

Nederland industrialiseerde later dan Engeland en België, pas echt na 1850. Hier werd stoom eerst vooral gebruikt om water weg te pompen. De drooglegging van de Haarlemmermeer met de stoomgemalen De Leeghwater, De Lynden en De Cruquius liet zien wat stoom kon in een waterland.

Andere perspectieven

Stoom bracht welvaart en vooruitgang, maar ook vuile lucht en zwaar werk in fabrieken. Ook kinderen werkten lange dagen. In Nederland kwam daarom later het Kinderwetje van 1874.

Veelvoorkomende misverstanden

“James Watt heeft de stoommachine uitgevonden.”

Thomas Newcomen bouwde rond 1712 al een werkende stoommachine. Watt verbeterde die vanaf 1763 sterk, zodat ze veel minder brandstof verbruikte. De eenheid van vermogen, de watt, is wel naar hem genoemd.

“Met de stoommachine begon in Nederland meteen de industrie.”

In Nederland bleven windmolens en paarden lang belangrijk. Pas in de tweede helft van de 19e eeuw kwamen er hier veel stoomfabrieken.

Hoe weten we dit?

Er zijn tekeningen, octrooien en brieven van Newcomen, Watt en hun klanten. Machines uit die tijd staan in musea. Het gemaal De Cruquius is zelf een bewaard gebleven bron: de complete machine staat er nog en kan worden bekeken.

Wat merk je er nu nog van?

Gemaal De Cruquius bij Heemstede is een museum, met de grootste stoommachine ter wereld. Ook elektriciteitscentrales werken vaak nog met stoom: water wordt verhit en de stoom drijft een turbine aan. En het woord “watt” staat op elke lamp en elk apparaat.

Meer gratis tools voor in de klas

Meestertools heeft tientallen gratis tools voor leerkrachten in het basisonderwijs: van digibordtools en energizers tot groepsvorming en lesmateriaal.