Aanloop en oorzaken
Bengalen in het oosten van Brits-Indië was dichtbevolkt en arm. Veel mensen leefden van rijst die ze dag voor dag kochten. In 1942 veroverde Japan Birma, waar Bengalen normaal rijst uit importeerde. Japanse troepen stonden nu aan de grens.
Uit angst voor een invasie voerden de Britten een denial policy uit: boten en rijstvoorraden in kustgebieden werden weggehaald of vernietigd. In oktober 1942 trof een cycloon de kust en mislukte een deel van de oogst. Intussen stegen de prijzen door de oorlogseconomie sterk.
Wat er gebeurde
In 1943 werd rijst voor arme mensen onbetaalbaar. Handelaren hielden voorraden achter en de overheid gaf voorrang aan Calcutta, het leger en de oorlogsindustrie. Op het platteland verloren landarbeiders, vissers en ambachtslieden als eersten hun inkomen.
Honderdduizenden trokken naar Calcutta, waar mensen op straat stierven. De koloniale regering erkende de hongersnood lang niet officieel. Het Britse oorlogskabinet onder Churchill wees verzoeken om grote extra graanleveringen grotendeels af, omdat scheepsruimte voor de oorlog nodig was.
In oktober 1943 werd Archibald Wavell onderkoning. Hij zette het leger in voor voedseltransport en noodhulp. Toch stierven ook in 1944 nog veel mensen aan ziekten als cholera en malaria.
Gevolgen
Naar schatting twee tot drie miljoen mensen kwamen om. De hongersnood versterkte de roep om onafhankelijkheid, die in 1947 werd bereikt, met de deling van Brits-Indië in India en Pakistan. Bengalen werd daarbij ook gesplitst; het oostelijke deel is nu Bangladesh.
De econoom Amartya Sen, die de hongersnood als kind meemaakte, onderzocht later hoe hongersnoden ontstaan. Hij kreeg in 1998 de Nobelprijs voor Economie. Een van zijn bekendste conclusies is dat er in een democratie met een vrije pers nog nooit een grote hongersnood is geweest.
Andere perspectieven
Voor Indiase nationalisten werd de hongersnood het bewijs dat het koloniale bestuur de eigen bevolking ondergeschikt maakte aan de oorlog. Indiase soldaten vochten op dat moment juist voor het Britse Rijk. Historici zijn het oneens over het gewicht van natuur, markt en beleid. Amartya Sen, die het als kind meemaakte, liet later zien dat er niet per se te weinig voedsel was, maar dat arme mensen het niet konden betalen.
Veelvoorkomende misverstanden
“De hongersnood kwam door een mislukte oogst.”
De cycloon en de slechte oogst speelden mee, maar de belangrijkste oorzaken waren de oorlogseconomie, de prijsstijgingen, het wegvallen van rijst uit Birma en beleidskeuzes van de koloniale overheid en de Britse regering. Er was voedsel, maar arme mensen konden het niet meer betalen.
Hoe weten we dit?
Na de oorlog onderzocht een Britse commissie de hongersnood. Er zijn ook krantenberichten, foto’s, overheidsdocumenten en getuigenissen van overlevenden. Over de rol van Churchill wordt tussen historici nog steeds gediscussieerd.
Wat merk je er nu nog van?
In India en Bangladesh is de hongersnood een belangrijk deel van de herinnering aan de koloniale tijd. In Groot-Brittannië is er de laatste jaren meer aandacht voor, ook als onderdeel van de discussie over het koloniale verleden.

